069. Bijbelstudie
over
NIEUWJAAR - ROSH HASHANA
hn>h >ar
Rosh haShana, het Joodse
nieuwjaar, wordt gevierd op de eerste en tweede dag van yr>t Tishri (september/oktober), dat is de zevende maand van het
Joodse kalenderjaar. U zult nu misschien denken: “Wie haalt het in zijn hoofd
om nieuwjaar in de zevende maand te vieren in plaats van de eerste?” En toch is
het eigenlijk niet zo onlogisch als het lijkt. Sinds de uittocht uit ,yrjm Mitzrayim [Egypte] is ]cyn Nisan
(maart/april) de eerste maand omdat onze bevrijding toen plaats vond, zowel wat
het eerste xcp Pesach betreft alsook het verzoenende offer van iv>y Yeshua. Het Joodse jaar begint dus officieel met de
geboortedag van het volk Israël. Maar omdat Tishri
ooit de eerste maand was en de Eeuwige volgens de Joodse traditie op 1 Tishri van het jaar 0 met de Schepping is begonnen,
beginnen de Joden het jaar ten opzichte van de burgerlijke zaken en die welke
op het nut van het aardse leven betrekking hebben dus met de maand yr>t Tishri, maar ten opzichte van de heilige zaken met de maand ]cyn Nisan. hn>h >ar Rosh haShana is er dus op de eerste plaats om de Schepping te herdenken. Dat was
het begin van alles. Het boek Genesis heet daarom in het Hebreeuws ook ty>arb b'reshit, dat is: in het begin. Genesis 1 is dus a ty>arb b'reshit alef, en als je het
omdraait, lees je
r>ytb a alef b'tishre, de eerste in de maand Tishri. Deze naam is overigens afkomstig van het
Akkadische woord Tishritu hetgeen hoe kan het
ook anders) “begin” betekent. Het Akkadisch was een Semitische taal, die
gesproken werd in het oude Mesopotamië en staat ook bekend als Babylonisch of
Assyrisch., Dat Tishri dit inderdaad
oorspronkelijk de eerste maand was blijkt ook uit een andere bijbelteksten,
want wanneer de Tora in de passage over de
uittocht uit Egypte bepaalt dat de maand ]cyn Nisan
voortaan de eerste maand van het jaar zal zijn (Exodus 12:2), dan begrijpt men
hieruit, dat het gaat om een verandering van een vroeger bestaande kalender met yr>t Tishri als eerste maand. In het boek ty>arb B'reshit [Genesis] wordt gezegd dat de zondvloed begon op de
zeventiende dag van de tweede maand. Volgens de Joodse wijzen was dit de maand ]vv>x Chesh’van omdat dit het normale jaargetijde is voor het begin
van de regen, en deze maand, die hier de tweede genoemd wordt, volgt op yr>t Tishri, die tegenwoordig weer in voege is als de eerste
maand van het Joodse burgerlijk jaar, maar de zevende maand van het Joodse
religieuze jaar, zoals ook bij de christenen een verschil is tussen het
burgerlijk jaar en het kerkelijk jaar. Een andere reden om juist in de zevende
maand te herdenken dat de Almachtige de wereld heeft geschapen is het feit dat zeven
een heilig getal is en het Hebreeuwse woord voor het getal zeven,
namelijk ib> sheva,
tevens “volmaakt” betekent en daarmee aangeeft dat alles wat de Almachtige
geschapen heeft goed is. Het Europese getallenstelsel is gebaseerd op het getal
tien, maar de Eeuwige rekent in Israël en eigenlijk in de hele
heilsgeschiedenis naar het grondgetal zeven. Zo is bijvoorbeeld ook het
Hebreeuwse woord
tb> Shabat afgeleid van
het woord tyiyb> sh’vi’it,
hetgeen “de zevende” betekent. Daarin ligt de grondgedachte, dat G’d heilige
tijden wil en die ook regelt naar het grondgetal zeven. Vandaar, dat ,>h haShem (G’d) niet alleen rustdagen,
maar ook rustweken en rustjaren heeft ingesteld. Gelijk de
wekelijkse Sabbat volgt op zes dagen van arbeid, zo volgt op zes jaren van
arbeid een zevende jaar van rust, het sabbatjaar, in bijzondere zin aan G’d
gewijd. De instelling van het sabbatjaar was voor Israël een belofte en
voorafschaduwing van de rust, de blijdschap en de zegen, die hun deel zou
worden in het komende Duizendjarige Vrederijk. Trouwens niet alleen voor
Israël, maar ook voor de gehele wereld. Hier gaat de komst of beter gezegd de
wederkomst van de xy>m Mashiach
[Messias] bij het blazen van de rpv> Shofar
[ramshoorn] aan vooraf. De komst van de Mashiach,
de opstanding der doden en de dag des oordeels zijn de meest centrale
onderwerpen van de Rosh haShana-viering. Men
herdenkt het begin: de Schepping, en staat stil bij het einde: het oordeel! Maar daarover later meer. Over de instelling van Rosh haShana lezen wij in rbdmb Bamidbar
[Numeri] 29:1 het volgende: “En in de zevende maand, op de eerste dag der
maand, zult gij een heilige samenkomst hebben, gij zult generlei slaafse arbeid
verrichten, het zal een jubeldag voor u zijn.” G’d heeft deze dag
aangewezen ter herinnering aan Zijn schepping van en regering over de wereld en
wijst de zevende maand aan zowel voor het Jubeljaar alsook voor het Sabbatjaar.
In sjoel [de synagoge] wordt tevens het bekende
verhaal voorgelezen over Avraham [Abraham], die
de opdracht kreeg om zijn zoon Yitzchaq [Isaak]
te offeren. Toen hij op het punt stond, dit te doen als daad van gehoorzaamheid,
hield de Eeuwige hem op het laatste moment tegen. In plaats van Yitzchaq werd echter een ram geofferd, een
mannetjesschaap, hetgeen overduidelijk wijst naar Yeshua,
die als lam geofferd werd in onze plaats. Om het plaatsvervangende offeren van
de ram te herdenken, wordt tijdens de viering van Rosh
haShana op de hoorn van een ram geblazen. In het Hebreeuws heet dit
ramshoorn rpvw Shofar,
maar wordt meestal foutief vertaald met bazuin. Evenals de ramshoorn gedraaid
is, zo zegt de traditie, moeten wij als Avraham
buigen onder G’ds wil. En Hij, de altijd Genadige, zal ons beschermen omdat Hij
weet hoe kwetsbaar wij zijn. De Shofar symboliseert
aan het begin van het nieuwe jaar telkens weer, dat onze toekomst op het spel
staat. Omdat wij bij het begin van een nieuw jaar in onbekend gebied
terechtkomen, hebben wij een goede Gids en beschermer nodig, namelijk Yeshua, die gezegd heeft: “Ik ben de Weg en de
Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij!” Veel Joden zijn
van mening dat ook op Rosh haShana door het
blazen van de Shofarim de muren van Yericho zouden zijn gevallen, maar daarvoor ontbreekt
enig nader bewijs. Feit is echter dat het blazen op de Shofar
een centrale plaats inneemt bij de viering van dit feest omdat de Eeuwige dit
zelf heeft opgedragen: “Spreekt tot de Israëlieten: “In de zevende maand (Tishri), op de eerste der maand, zult gij een rustdag
hebben, aangekondigd door shofargeschal, een heilige samenkomst.
Generlei slaafse arbeid zult gij verrichten en gij zult de Eeuwige een
vuuroffer brengen.” (arqyv Vayiq’ra
[Leviticus] 23:24). Deze dag wordt ook de dag van het shofargeklank
genoemd, dat is in het Hebreeuws hivrt ,vy Yom Terua, omdat men op die dag op de Shofar
blaast om allen te vermanen en G’d dank te zeggen voor Zijn weldaden. Maimonides zegt: “Het blazen van de Shofarim beduidt: Ontwaakt, gij slapende uit de
slaap, en waak op gij, die met een diepe slaapzucht bevangen zijt; onderzoek uw
daden, keer door boetvaardigheid weer en gedenk uw Schepper.” Rosh haShana geeft ons elk jaar opnieuw de
gelegenheid om ons in herinnering te brengen wat we allemaal verkeerd hebben
gedaan en berouw betonen aan de Eeuwige, die zich op de dag des oordeels aan al
onze daden zal herinneren. Vandaar dat deze dag ook wel ]ydh ,vy Yom haDin [dag van de
rechtspraak] wordt genoemd. Maar de meest bekende bijbelse naam voor Rosh haShana is toch wel ,yrpv>h gx Chag haShofarim, het
Feest van de Bazuinen of beter gezegd het Feest van de Ramshoorns. Daarom
worden in de viering van Rosh haShana alle belangrijke
gebeurtenissen uit de hele geschiedenis van het Joodse volk alsook al de
profetieën waarin de bazuin, de Shofar dus,
genoemd wordt, in herinnering geroepen.
De
Shofar klonk bij de verbondssluiting op de
Sinaï en zij zal ook eens klinken bij het aanbreken van het Messiaanse rijk.
Het doordringende geluid van de Shofar roept op
om trouw te zijn aan de Eeuwige en Zijn verordeningen, maar vooral ook om
waakzaam te zijn voor de wederkomst van de Mashiach!
Met nieuwe maan van de maand Tishri en op
plechtige dagen van vasten en berouw, alsook in het jubeljaar gaven onze vaders
gehoor aan de tonen van de Shofar. De ramshoorn
klonk ook in de strijd, bij gevaar. Moge de Shofar
ook ons allen oproepen om te strijden tegen de machten der duisternis in de
wereld, maar ook in ons hart! Ieder jaar maakt de Eeuwige daarom in de Joodse
denkwijze op Rosh haShana de balans op van de
levens van alle mensen. Er wordt een oordeel geveld over het afgelopen jaar,
maar Hij voltrekt het nog niet. Volgens de Joodse traditie krijgt men dan de
gelegenheid om door boetedoening en berouw
vergeving van zonden te krijgen. B’rit haChadasha
[het Nieuwe Verbond] daarentegen leert ons, dat vergeving van zonden
uitsluitend door het offer van Yeshua mogelijk
gemaakt is. Desalniettemin is het goed om er toch even bij stil te staan. Op Rosh haShana begint een periode van tien dagen van
inkeer en bezinning. Hier ligt de mogelijkheid om alle fouten die ten opzichte
van G’d en van de medemens gemaakt zijn, weer goed te maken. De tien dagen van
berouw (in het Ivrit Aseret Y’mei T’shua)
eindigen met Yom Kipur. Rosh haShana en Yom Kipur worden samen de ,yarvnh ,ymy Yamim haNora’im
[de Ontzagwekkende dagen] genoemd. Veel Messiasbelijdende Joden gaan ervan uit,
dat de geboorte van Yeshua op Yom Kipur [de Grote Verzoendag] moet hebben
plaatsgevonden, want de ware verzoening kwam met de komst van de Mashiach [Messias] en bovendien is het een historisch
feit, dat Yeshua in de maand Tishri geboren is. Rosh
haShana daarentegen vormt een vooruitblik op de Dag des Oordeels, want
op deze dag wordt de grote Shofar geblazen.
Messiasbelijdende Joden weten, dat dit dezelfde Shofar
is, die eens zal klinken wanneer Yeshua haMashiach
terugkeert om Zijn Bruid op te halen en met Zijn voeten op de Olijfberg zal
staan om Zijn volk Israël te bevrijden. Laat een ieder, die geheiligd is door
het bloed van Yeshua, Jood en Griek, klaar
staan om gehoor te geven aan de oproep van de laatste Shofar,
gelijk geschreven staat: “Zie, ik
deel u een geheimenis mede. Allen zullen wij niet ontslapen, maar allen zullen
wij veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, bij de laatste Shofar, want de Shofar
zal klinken en de doden zullen
onvergankelijk opgewekt worden en wij zullen veranderd worden” (a ,yytnrvq Qorintiyim alef [1 Korinthiërs] 15:52). Moge de Shofar op Rosh haShana
onze gedachten richten op de dag, wanneer de laatste Shofar
zal klinken voor de bevrijding van allen die in Hem geloven: “Want de
Eeuwige zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het
geklank ener Shofar G’ds, nederdalen van de
hemel, en zij, die in de Mashiach gestorven
zijn, zullen het eerst opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven,
samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Eeuwige tegemoet
in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Eeuwige wezen” (a
,yqynvlct Tesaloniqim alef [1 Tessalonicenzen] 4:14 tot 17). Laat ons waakzaam
zijn, opdat ook wij bij het blazen van de laatste Shofar
tot de uitverkorenen mogen horen, want Yeshua haMashiach
heeft gezegd: “En dan zal het teken van Ben haAdam
[de Zoon des mensen] verschijnen aan de hemel en dan zullen alle stammen der
aarde zich op de borst slaan en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de
wolken des hemels, met grote macht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn engelen
uitzenden met luid shofargeschal en zij zullen
Zijn uitverkorenen verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste der
hemelen tot het andere.” (vhyttm Matityahu [Matthéüs]
24:30-31). Yeshua zal met het blazen van de
zevende en laatste Shofar uit Openbaring
11:15-19 direct in het wereldgebeuren ingrijpen. Welk een vreugde en gejubel
zal het zijn als de Shofar zal klinken en de
gehele schare der verlosten zal worden opgenomen, de aankomende Mashiach tegemoet! Wie kan zich dat voorstellen? Het
graf zal alle vrijgekochten prijsgeven! Maar dit feest zal ook zijn vervulling
vinden in het ontwaken en bijeenvergaderen van dat deel van het volk Israël,
waar nu nog de bedekking op ligt. Lang heeft het in een soort doodslaap verkeerd
(zie Romeinen 11:8). Het volk Israël was verstrooid over de hele aarde,
verdrukt en uitgeplunderd. Maar de profetische geschriften wemelen van
enthousiaste beschrijvingen van de gebeurtenis, wanneer de laatste Shofar, de grote Shofar
in Tziyon [Sion] geblazen zal worden: het eens
verstrooide volk zal zich verzamelen rondom zijn eens verworpen Koning!
De Shofar is een symbool van oorlog. Yeshua zal komen in een tijd van wereldomvattende
oorlog, die toegespitst zal zijn op Israël, het enige land waarvan de Eeuwige
gezegd heeft dat het ZIJN LAND is! En Hij zal komen om de vijanden van
Israël te verpletteren en Zijn koningschap te herstellen! (zie Zacharia 12 tot
14). Zodra het inzamelen van de eerstelingen (de opname van de Gemeente)
voltooid is, zal de Eeuwige beginnen de vervallen hut van David weder op te richten (zie Handelingen 15:16) en
voor de tweede keer Zijn hand opheffen om het overblijfsel van Zijn volk te
verlossen. Let goed op wanneer dit zal gebeuren: “Die dag zal het gebeuren. Er zal op een grote Shofar worden geblazen en die verdwenen zijn in het
land Ashur [Assur] en die verbannen zijn naar
het land Mitzrayim [Egypte] zullen komen en
zich nederbuigen voor de Eeuwige op de heilige berg, in Jeruzalem” (vhyi>y Yeshayahu [Jesaja] 27:13). Dus wanneer
zal Israël weer bijeen worden gebracht? Bij het klinken van de grote, de
laatste Shofar: bij de wederkomst van de Mashiach, en het blazen van deze laatste Shofar kan sneller plaatsvinden dan wij denken,
misschien zelfs met Rosh haShana van het volgende
jaar! Wie weet? Herhaaldelijk waarschuwde Yeshua
ons om met betrekking tot deze dag waakzaam te zijn!
In
huiselijke kring wordt Rosh haShana zeer
bescheiden gevierd. Er is niet zoveel herrie en pret als met Oud en Nieuw in
januari. De sfeer van dit nieuwjaarsfeest is ernstiger, maar desalniettemin
evengoed erg gezellig. Zo worden er overheerlijke wortelgerechten gegeten zoals
bijvoorbeeld “worteltzimmesbrood”. Vanwege hun
tint symboliseren wortelen namelijk voorspoed en hoop en daarom worden ze
geserveerd op het Joodse nieuwjaarsfeest. Wortelen zijn ook met bossen tegelijk
verwerkt in een stoofschotel die Tzimmes heet,
omdat ze zoet zijn en de naam van het gerecht van het Hebreeuwse woord xmyj tzimach
is afgeleid, hetgeen ‘laten groeien’ betekent. Daarom is het eten van veel
wortelen als bidden voor een overvloedige zegen in het nieuwe jaar en groeien
in het geloof. In het Jiddisch betekent “tzimmes
machen” een drukte over iemand of iets maken. Het recept voor Tzimmes en vooral het wortel-tzimmesbrood
is nogal bewerkelijk, maar zeer de moeite waard. Sommige Joodse families eten
met Rosh haShana zoveel mogelijk
granaatappelzaden als gebed tot de Eeuwige dat onze goede daden vermenigvuldigd
mogen worden. Op de vooravond, Erev Rosh haShana,
worden thuis twee kaarsen aangestoken en wordt een beker wijn gedronken en challebrood gegeten, net als op Shabat. Verder heeft men de gewoonte om, na het
inzegenen van deze Yom Tov [feestdag], stukjes challebrood en stukjes appel in honing te dopen en
dit dan te eten onder de zegenbede voor elkaar: “Moge het een goed en zoet
nieuw jaar zijn”. Datzelfde wens ik ook u allen toe!
Werner Stauder